Tips

Grote letter  Kleine letter

Deze pagina is nog niet ingebruik.


Senioren en internet, het lijkt een moeilijke combinatie. Maar dat beeld is achterhaald. De meerderheid van de Nederlandse senioren zit wel degelijk op internet. 

Van de 50 tot 64-jarigen heeft maar liefst 77 procent een internetverbinding. En dat is net zoveel als op de totale Nederlandse bevolking. 

Het internetgebruik neemt wel af onder oudere Nederlanders. Van de 65 tot 74-jarigen heeft 42 procent internet en van de 75-plussers nog maar 18 procent.

Dat zijn enkele conclusies uit het onderzoek ‘Verbinding maken. Senioren en internet.’ van het Centraal Bureau voor de Statistiek. 

Bezit staat overigens niet gelijk aan daadwerkelijk gebruik. Naarmate de senior ouder is, staat de computer vaker werkeloos in huis.

Zaken regelen
Mannen en hoger opgeleide senioren hebben nog iets vaker internet dan vrouwen en lager opgeleiden, maar dit verschil is de afgelopen jaren kleiner geworden.

Mannen en hoger opgeleide senioren verrichten vaker transacties of regelen zaken als de afname van digitale gemeentediensten, online winkelen of online reserveringen maken. 

Minder eenzaam
Vrouwen en lager opgeleiden daarentegen msn’en meer en doen vaker spelletjes. Zij zeggen vaker het gevoel te hebben er weer bij te horen en minder eenzaam te zijn door hun internetgebruik. 

Vooral senioren zonder partner hebben nieuwe mensen leren kennen via internet. Deze mensen geven ook vaker aan dat zij minder eenzaam zijn dankzij internet.

Het CBS heeft ook specifiek onderzoek gedaan naar senioren die pas kort geleden het internet op zijn gegaan. Deze nieuwkomers zijn vooral vrouwen en lager opgeleiden.  

Stimulerende kinderen 
Als redenen om ermee te beginnen noemen ze vaak het gevoel erbij te horen en het meegaan met de tijd. Zij geven aan dat ze door iemand, bijvoorbeeld hun kinderen, zijn gestimuleerd. 

Deze senioren hebben ook relatief het vaakst de computer van iemand gekregen, meestal van een kind. Ze volgen wel liever een internetcursus dan dat ze zich laten inwijden door hun kinderen of kleinkinderen, omdat hun uitleg of demonstratie te snel gaat. 

Bij computerproblemen gaan ze daarentegen wel eerst naar hun kinderen voor hulp. 

De onderzochte ‘offline’ senioren geven als reden vaak dat ze simpelweg geen behoefte aan internet hebben. Fysieke beperkingen zijn soms een belemmering, maar ook zeggen sommigen computervrees te hebben.   


Bron: www.stir.nl

Vooral ouderen surfen meer en langer

Bijna 60% van vijftigplussers online De Stichting Internetreclame (STIR) heeft vandaag nieuwe cijfers bekendgemaakt over de surfpopulatie in Nederland. Eerder dit jaar publiceerde STIR net als CBS dat er 11 miljoen mensen online zijn in Nederland. Dat is een groei van 7% ten opzichte van een jaar geleden.

Nu blijkt dat die groei vooral door de oudere doelgroepen wordt veroorzaakt. Bij de vijftigplussers steeg de internetpenetratie van 52% in 2006 naar 59% in 2007. In de doelgroep 35-49 jaar groeide de gemiddelde surftijd per week met 22% naar 7,3 uur per week.

De cijfers zijn afkomstig uit de Establishment Survey (n = 2.000) die elk half jaar door Intomart GfK wordt uitgevoerd in opdracht van STIR. Hieruit blijkt verder dat de internetpenetratie bij de jongeren (13-34) op 98% staat. Een groei is hier bijna niet meer mogelijk. De jongeren hebben met 9,9 uur de langste surftijd per week en internet heeft in deze doelgroep een aandeel van 22% in de mediaconsumptie. Bij vijftigplussers heeft internet een aandeel van slechts 5%. De vijftigplussers besteden de meeste tijd aan media. Gemiddeld zo’n 54,2 uur per week, waarvan de meeste tijd aan radio (bijna 24 uur). Bovendien lezen de vijftigplussers gemiddeld langer in tijdschriften en dagbladen. De jongeren (13-34 jaar) steken maar 46,5 uur per week in media, waarvan 16,8 uur in televisie en radio. Beide mediumtypen hebben een aandeel van 38% in de jongerendoelgroep. Volgens cijfers van STIR telt Nederland 4,3 miljoen zogeheten zware surfers. Dat zijn mensen die wekelijks minimaal vijf uur online zijn. De helft van de jongerendoelgroep behoort tot de zware surfers. Een zware surfer is gemiddeld 14,8 uur per week online en internet heeft een aandeel van 26% in de mediaconsumptie. Bij de lichte surfers (maximaal twee uur per week online) heeft internet een aandeel van 5%.